Naar het overzicht

Girls Love 2 Run: Hobbelpaard

Runnersworld Nederland
vrijdag 10 november 2017

‘Francien, heb je de marathon lekker uit gehobbeld?’ vroeg mijn overbuurvrouw zich af. En daarmee vatte ze per direct mijn marathon in New York samen.

Als een waar hobbelpaard hobbelde ik voort. Niet zozeer voorwaarts. Meer zijwaarts en achterwaarts. Hoe dat zo?! Dat vertel ik je straks.

Aangekomen
Ik heb goed getraind, geen trainingen overgeslagen én zelfs aan krachttraining gedaan. Ik ben denk ik wel de enige maraT(H)ONNER, of moet ik zeggen TIENTONNER, die is aangekomen. Ik vind voor, na en zelfs als ik niet train wel excuses om eten tot mij te nemen in grote hoeveelheden. Want ja… Ik train ten slotte voor een marathon. Zodoende sta ik hier in New York tien kilo zwaarder dan de laatste keer.

Hoe heet deze marathon eigenlijk?!
En dus voel ik mij vrij zelfverzekerd aan de start van de marathon die net zo goed ANNEMEREL had kunnen heten in plaats van New York City Marathon. Kom je in New York voor die bewuste race dan loop je haar hoe dan ook tegen het lijf. Het had trouwens ook de Vifit Marathon kunnen heten, aangezien er tien + twee veel te lieve, knappe, afgetrainde mensen namens Runnersworld (magazine) en Vifit aan diezelfde start staan. Als stuiterballen. Wat ik ook wel snap na al die repen en drankjes! Weet je zeker dat daar geen verboden middelen inzitten?! Mari, Chris, Japke, Monique, Robert mag ik er ook een paar?!

Vliegveld
Aan KIKA lopers ontkom ik ook niet. Ik zie ze meteen op het vliegveld. Van jas tot tas en met zakken vol sponsorgeld staan ze te shinen. En lief (én rijk) dat ze zijn. Geen grap. Gelukkig ben ik ditmaal niet de meest opvallende verschijning. Dat laat ik over aan mijn team. Op een afstandje kijk ik toe hoe half lopend Nederland stiekem zit te wijzen naar mijn team. Vol met bekende en onbekende Nederlanders. De één nog drukker dan (Francien) de ander. En dat onder toezicht van niemand minder dan Wendy van Dijk. Die ook met ons afreist naar New York. Ik sta op een afstandje van de groep, omdat ik niet van knuffelen en kussen houd. Nu niet, nooit niet. Ook niet als het op familie en vrienden aankomt. Dus ik zwaai vluchtig en lanceer mijzelf richting de gate.

Raceverslag
Wacht, dit is mijn raceverslag. Niet mijn reisverslag. Ik sta dus aan de start van de New York City Marathon. Best wel vooraan, want voor wachten heb ik geen geduld en al helemaal geen tijd. De rest van de groep gaat een uur later van start. Mijn geliefde kamergenoot Marit – serieus, zonder haar was deze trip een stuk minder aangenaam geweest – dus ook. Als ik mijn coral inloop tel ik negen vrouwen. Oké. Uit diverse gesprekken vang ik op dat men onder de drie uur wil finishen. Nogmaals, oké. Ik heb een uur langer nodig en daarom houd ik wijselijk mijn mond.

Opgefokt
Als we dan echt vanuit de coral richting de start lopen, moeten we daar nog 45 minuten wachten in het startvak. Dan hadden ze ons beter iets langer in het verzamel vak kunnen houden waar ook dixies én kledingbakken te vinden zijn, maar mijn groep is redelijk opgefokt. En dus staan we nu tezamen allemaal te dringen bij de start. Als we nog tien minuten hebben tot het startschot, begint iedereen te plassen. Ik kijk gelijk omhoog, want zijn die verhalen dan toch waar dat als je onder de brug staat, waar ik dus sta, men vanaf boven ook over het randje heen plast bij gebrek aan dixies in het startvak. Gelukkig voel ik geen druppel van bovenaf. Als ik tot dat besef kom stappen er twee dames voor mij langs. Ze zakken getweeën door de benen en beginnen terwijl er geen tight en of onderbroek omlaag is gegaan dwars door die eerder genoemde kledingstukken heen te plassen. Ik weet niet wat ik meemaak. Ik weet ook niet waar ik het zoeken moet. Beide dames kijken rustig om zich heen. Als onze ogen elkaar kruizen denk ik #metoo?! NEE! Ik kan en wil niet op deze manier plassen. Er een foto van maken kan ook niet in mijn positie. En het veroordelen mag ook niet. Toch kan ik niet ontkennen dat ik met stomheid geslagen ben. Kijk, als Max Verstappen tijdens zijn race naar de wc moet, dan plast ook hij in zijn pak. En toch vind ik die gedachte minder alarmerend dan het tafereel wat zich zojuist heeft voltrokken.

Startschot
‘Vind je het niet vervelend dat je straks door iedereen wordt ingehaald als je zo vooraan start?’ is mij meermaals gevraagd. Nee, ik vind dat niet vervelend. Totdat ik de start over mag van deze bewuste race. Mensen vliegen van me weg, alsof ik als enige niet kan lopen. Ik kan dat wel en ik kan ook wel zo hard van start gaan, maar dan ben ik na vijf kilometer bek af. En dus doe ik voor één keer in mijn leven rustig. Mijn Garmin Forerunner geeft allerlei signalen af, maar ik kan er niet naar kijken. Ik luister gewoon naar mijn lichaam dat gelijk moet klimmen. Dat in combinatie met zenuwen maakt mijn hartslag extreem hoog, maar ook daar moet ik mij nu niet door laten leiden. Mijn benen voelen zwaar aan. Waardoor ik ze niet heel ver omhoog kan brengen. Dat is geen goed teken, maar ik kan er nu weinig aan veranderen.

Zak, zak, zak maar lekker door
Als ik de eerste brug gehad heb, zie ik een dixie staan die ik het liefst wil knuffelen. Ik spring naar binnen, zak door mijn knieën, ontdoe mijzelf van tight en slip en laat het los. Heerlijk. Ik stap vol energie in plaats van plas uit de dixie en ben klaar om door te lopen.

A long walk to freedom
Als ik de eerste 10 kilometer gehad heb, maak ik de balans op. Het is niet mijn cakelash die mij parten speelt, maar mijn bovenbenen zijn ontploft/verzuurd. En mijn linker heup gaat op lockdown. Waardoor ik een ander soort beweging moet maken om alsnog de passen te kunnen maken. Gelukkig hoef ik nog maar 32 kilometer en 195 meter te lopen. Juist. It’s a long walk to freedom.

Keep it calm
Ik probeer de rust in mijn hoofd te bewaren. Ik ga mijzelf ook niet afvragen hoe dit kan, want het lijkt erop dat dit gewoon niet mijn dag is. En die dagen zijn er ook. Alleen is vandaag ook helaas dé dag. Daarom loop ik door. Toen ik hier voor het eerst een (DIY) marathon liep, had ik ook een inzinking die ik er uiteindelijk uitliep na een aantal kilometers. Daar hoop ik nu ook vurig op. Alleen word ik met de kilometer trager. En als ik zo door ga, dan ga ik voor het eerst in mijn leven kramp krijgen. Ik heb genoeg gedronken, maar doorlopen met verzuurde benen resulteert in kramp. Telkens als het niet meer gaat, wandel ik achterstevoren en probeer ik diep in en uit te ademen, zodat de zuurstof de pijn vermindert.

Groupies
Omdat ik met een koptelefoon oploop, hoor ik geen aanmoedigingen. Ik sluit mij daar bewust van af, aangezien dat te veel prikkels oplevert. Totdat ik op kilometer 20 door een vijftiental mensen wordt geroepen. Ik besef even niet zo snel wie het zijn. Zonder bril zie ik ook nog eens geen reet. Als ik dichterbij kom zie ik ein-de-lijk wie het zijn. Het is de meegereisde supportersclub! Ik heb gewoon groupies! Wil iemand misschien mijn handtekening?! Ik krijg er een energieboost van en dat terwijl ik de RedBull toch echt heb laten staan. Het dringt tot mij door dat een marathon in groepsverband eigenlijk vele malen leuker is, dan een solo trip down marathon lane. Zij blij, ik blij.

30 maakt de buurt (wijk) prettig
Ik heb altijd geleerd dat de New York Marathon begint bij kilometer 30. Als je daar moeiteloos naartoe weet te lopen dan begint de race pas echt. In mijn geval verloopt het dramatisch. Het is fysiek zwaar, maar mentaal des te interessanter. Ik weet namelijk dat ik een marathon kan lopen en ik weet wat ik kan verwachten van die laatste kilometers. En toch kan ik mij niet herinneren dat de straten van New York continu zo stijl omhoog en omlaag gaan. Misschien is het net als bij een bevalling: als je eenmaal gebaard hebt, vergeet je de pijn van de bevalling. Wellicht doet de medaille straks wonderen voor mijn gesteldheid. Net als een kind en / of hormonen na een bevalling ook wonderen verrichten. Was ik maar ongesteld, dan was mijn pijngrens hoger.

Peptalk
Bij kilometer 32 besef ik mij dat de rest mij straks inhaalt, want ook al heb ik een voorsprong gekregen van ruim 50 minuten, die ben ik inmiddels zo goed als kwijt. En dus begin ik om me heen te kijken. Ik zie wat verdwaalde KIKA lopers, maar spot nog geen Stichting Semmy buddy’s. Jammer, want ik kan best een peptalk van één van hen gebruiken. Opeens word ik op mijn schouder getikt door Ed (als ik mij niet vergis), die loopt namens Leontien Zijlaard van Moorsel. ‘Gewoon doorlopen! En niet stilstaan.’ Ik haak even kort bij hem aan en praat met hem. Ik wil hem niet in de weg lopen en vertel hem om door te lopen. Ik vind het altijd heel lief als mensen tijdens een marathon de tijd nemen om met je te praten als ze zien dat je het zwaar hebt. Dus Ed, bedankt daarvoor!

Achterwaarts
Als ik kilometer 34 passeer ontkom ik niet langer aan de kramp. Die schiet in mijn linker bovenbeen. En ontluikt zich eveneens aan de rechterzijde. Tja, en nu? Stoppen? Dacht het niet. Ik draai me om en loop opnieuw achterwaarts. Dit levert her en der verbaasde blikken op, maar het geeft mij juist de tijd om eens te kijken wie er zoal achter mij lopen. Als ik dat in mij heb opgenomen draai ik mijzelf om en zet het op een lopen. Inmiddels ben ik de vier uur grens gepasseerd. Pijnlijk. Ik kom tot de conclusie dat dit niet goed is. Ik vind het bijna zonde van mijn intensieve trainingsperiode. Ik weet niet of het teleurstelling is die zich meester van mij maakt, maar ik loop wel door, want ik hou van vechten tegen mijzelf. Dit zijn de momenten waarop ik aan mijzelf kan laten zien waar ik toe in staat ben. Ook op slechte dagen kan ik een marathon lopen.

Finish
De finish overgaan vind ik niet spectaculair. Ook al voelt het als een verlossing. Het maakt mij niet euforisch. Ik heb op dat moment ook niet iemand om het mee te delen. Dat is juist op zo’n moment heel belangrijk. De mediale inclusief lint lijkt verdacht veel op de Olympische plak die werd uitgegeven in Rio. Dat dan weer wel.

The day after
Als ik de dag erna lunch ga halen zie ik opnieuw marathon mensen lopen. Te herkennen aan die felbegeerde plak. Is die medaille soms een vrijbrief die maakt dat je raar mag lopen? Ik begin te lachen. Het is alsof je paradeert met de nageboorte van je kind en die aan iedereen showed om te laten zien dat je net een marathon van een bevalling achter de rug hebt. Grapje, dat doe je dus niet. Je laat je kind aan de wereld zien. Dat bedoel ik. En dat die medaille aandachtsgeil gedrag uitlokt. Dat bedoel ik ook. Ik doe mijn mediale enkel om, omdat ik denk er de gehele dag gratis mee te kunnen reizen op vertoon van mijn plakkaat. Dat heb ik helaas mis.

Betaald en behaald
En het andere bewijsstuk dat je een marathon hebt gelopen laat je achter in de wc. En spoel je weg. Nou, ik heb die van mij mooi gefotografeerd, want ik heb nog nooit roze cola pis gehad met dank aan mijn gelletje. Maar marathon mensen, ik snap je. Je hebt er hard voor getraind en de medaille uiteindelijk zelf betaald en behaald. Omdoen dus. En laten zien. Overal.

Zuurpruim
Klink ik nou verzuurd? Dat ben ik wel echt op lichamelijk vlak. Op mentaal vlak niet. Ik heb gelopen voor wat ik waard was: niets dus. Ik heb dan misschien minder genoten van de race dan normaal, maar ik heb wel enorm veel liefde, knuffels en kussen ontvangen van mijn groep. Die ik op Schiphol nog probeerde te ontwijken, maar nu juist terug wil geven aan Team Run4Semmy!

Runnersworld Nederland

Of je nu net begint, of op professioneel niveau meeloopt, Runnersworld is dé winkel voor elke hardloper. De winkeleigenaren zijn zelf allemaal fanatieke hardlopers en of looptrainer en weten dan ook als geen ander hoe een hardloper beweegt.

0 reactie(s)

Reageer op deze blog